OGO OntwikkelingsGericht Onderwijs

​​

Onze school hanteert het Ontwikkelingsgericht Onderwijsconcept (OGO). De grondlegger van dit concept, geloofde in de ‘maakbaarheid’ van de mens en in diens emancipatie. Om dit te bereiken is het van belang dat het kind in een groep samen met andere kinderen en leerkracht leert. Hierbij worden de sterke kanten van elk kind zo goed mogelijk benut. De leerkracht zorgt ervoor dat de interesse van de kinderen steeds wordt opgewekt en daagt de kinderen uit zelf met oplossingen te komen. Tevens dienen zij ‘het nut in te zien’ van het geleerde. De rol van de leerkracht is daardoor veel meer de rol van begeleider en bewaker van het leerproces. De leerkracht zorgt er voor dat binnen uitnodigende activiteiten de onderwijsdoelen gerealiseerd worden.

De kinderen worden uitgenodigd om actief deel te nemen aan het onderwijs. Binnen de activiteiten wordt een beroep gedaan op de zelfstandigheid van kinderen en proberen we de kinderen een eigen verantwoordelijkheid te geven.

In de onderbouw (groep één tot en met vier) is het onderwijs ontwikkelingsgericht opgezet en wordt er steeds gewerkt vanuit een thema. De kinderen leren er vooral met behulp van het spel in een betekenisvolle omgeving. Door o.a. het meespelen, de excursies, de gesprekken, het voorlezen van boeken en echte activiteiten voegt de leerkracht nieuwe kennis en vaardigheden toe en wordt het thema verdiept en verbreed. Naast, maar vooral tijdens het spel is er aandacht voor lezen/schrijven, construeren (knutselen of met blokken of zand), rekenen en samen praten. Als het spel voor kinderen steeds ‘zo echt mogelijk’ is en hen interesseert, blijven ze er gemotiveerd aan werken. Wanneer het kind leert lezen en schrijven is het ‘werk’ van de kinderen zoveel mogelijk verbonden aan het thema. Zo zien we heel geleidelijk een overgang van vooral spel in de groepen één en twee naar de meer leer gerichte activiteiten in de groepen drie en vier.

In de bovenbouw (groep vijf tot en met acht) wordt de verdere leermotivatie bevorderd. Het besef om te willen leren om het leren neemt toe. Uitgangspunt is dat kinderen de wereld willen verkennen, ook de wereld die verder af ligt van hun directe leefwereld. Daarom is het belangrijk aan te sluiten op hun eigen ervaringen en interesses.

Dit doen wij middels het werken in thema’s voor de vakken taal, begrijpend lezen, wereldoriëntatie (geschiedenis, aardrijkskunde en natuuronderwijs).

Om deze thema’s inhoud te geven maken de groepsleerkrachten gebruik maken van verschillende methodes voor deze vakken. Deze methodes worden als bronnenboek gebruikt voor het aanbod in de thema’s. Op deze manier ontwerpt de groepsleerkracht een uitdagend onderwijsaanbod voor de leerlingen. Voor rekenen, schrijven en Engels (Engels in groep vijf t/m acht) worden methodes gevolgd en daar waar mogelijk ingepast in de thema’s.